Onderwerpen
IE-eigendom
Wie komt de intellectuele eigendom toe? Dat is de belangrijkste afspraak die u en uw partner(s) moeten maken. De eigenaar krijgt namelijk de rechten op het commercieel gebruik van de onderzoeksresultaten en het verlenen van licenties. Zonder afspraken hierover geldt de wetgeving op dit gebied. Ook is het van belang om afspraken te maken over de naamsvermelding in het octrooi en de aansprakelijkheid.
EigendomArtikel 12 van de Rijksoctrooiwet uit 1995 stelt dat ‘Indien de uitvinding, waarvoor octrooi wordt aangevraagd, is gedaan door iemand die in dienst van een ander een betrekking bekleedt, heeft hij aanspraak op octrooi, tenzij de aard van de betrekking medebrengt, dat hij zijn bijzondere kennis aanwendt tot het doen van uitvindingen van dezelfde soort als die waarop de octrooiaanvrage betrekking heeft. In het laatstbedoelde geval komt de aanspraak op octrooi toe aan de werkgever.'. Doet een medewerker van een universiteit, hogeschool of onderzoeksinstituut de uitvinding, dan komt de aanspraak op het octrooi toe aan die kennisinstelling. De partijen kunnen hiervan afwijken in een aparte arbeidsovereenkomst.
Overdrachtsovereenkomst
Voor kennisvalorisatie kunnen kennisinstellingen hun octrooirechten vaak overdragen. Bijvoorbeeld aan een samenwerkingspartner, meestal een bestaande onderneming, of aan een universitaire spin-off (een technostarter). Kennisinstellingen kunnen ook zelf octrooi aanvragen en later overdragen of er licenties onder verlenen. Het onderzoek moet dan wel gefinancierd zijn met publieke middelen (eerste en tweede geldstroom).
Samenwerkingsovereenkomst
Betalen een kennisinstelling en een private partij samen het onderzoek (contractonderzoek), dan maken zij onderling IE-afspraken. Die moeten voldoen aan de (inter)nationale wet- en regelgeving voor publiek-private samenwerking in technisch-wetenschappelijk onderzoek. Vaak bepaalt de hoogte van de bijdrage van de private partij de IE-toekenning. Is die bijdrage substantieel, dan krijgt de private partij meestal het IE. U en uw samenwerkingspartner(s) kunnen het IE ook delen. Bedenk wel dat u dan voor een langere periode aan elkaar vast zit.
Naamsvermelding in octrooi
De Rijksoctrooiwet uit 1995 stelt dat de uitvinder altijd het recht heeft om vermeld te worden in de octrooiaanvraag. Ook als de werkgever van de uitvinder aanspraak op het octrooi heeft.
Octrooiaanvragen
Anders dan in wetenschappelijke publicaties is het in octrooischriften ongebruikelijk om de onderzoeksleider of promotor te noemen. Soms stellen universiteiten prijs op naamsvermelding op octrooiaanvragen door samenwerkingspartners. Bedrijven beperken zich daarin meestal tot de naam van de uitvinder of onderzoeker. U kunt dit eenvoudig ondervangen door ook de naam van de kennisinstelling te vermelden.
Aansprakelijkheid
Ondernemingen zoeken samenwerking met kennisinstellingen om kennis te ontwikkelen. De onderneming past die kennis later toe in de praktijk. Dat kan mooie producten en processen opleveren. Maar het kan ook misgaan. Met een beetje pech vloeit er zelfs schade uit voort. Ook kan er onbedoeld inbreuk op rechten van derden worden gemaakt.
Vrijwaringsonderzoek
Dat laatste is het geval als uw uitvinding al door iemand anders blijkt te zijn geoctrooieerd. Dit kan tot extra licentiekosten of zelfs een verbod leiden. U kunt dat voorkomen door vooraf een octrooigemachtigde een vrijwaringsonderzoek te laten uitvoeren. Kennisinstellingen sluiten aansprakelijkheid voor schade nadrukkelijk uit. Sta daar vooraf goed bij stil. Leg afspraken over aansprakelijkheid voor schade of inbreuk op rechten van derden duidelijk vast.
