Onderwerpen
Aanvragen in Nederland
Op 1 februari 2006 is de Zaaizaad- en plantgoedwet 2005 (ZPW 2005) in werking getreden. Die wet vervangt de Zaaizaad- en plantgoedwet of het Kwekersrecht van 1966.
De vernieuwde wet richt zich onder andere op een modernisering van:
De vernieuwde wet richt zich onder andere op een modernisering van:
- de versnipperde procedures voor de verlening van kwekersrecht;
- de toelating van plantenrassen en bosbouwopstanden;
- de regelgeving voor de verhandeling van zaaizaad en plantgoed.
Op grond van de ZPW 2005 verdwijnen vier organen. Hun functies worden gebundeld in één nieuw orgaan: de Raad voor plantenrassen. Deze Raad is verantwoordelijk voor:
- de verlening van kwekersrecht (voorheen door de Raad voor het Kwekersrecht)
- de toelating van landbouwrassen (voorheen door de Commissie voor de samenstelling van de Rassenlijst voor Landbouwgewassen)
- de toelating van rassen en opstanden van bosbouwgewassen (voorheen door de Commissie voor de Samenstelling van de Rassenlijst voor Bosbouwgewassen)
- de toelating van groenterassen met behulp van de zogenaamde B-lijst (voorheen door de Commissie Toelating Groenterassen op wiens advies de Minister van LNV besliste).
Aanvragen voor Nederlands kwekersrecht (gehele plantenrijk), toelating van landbouwrassen (DUS + CGO) en toelating van groenterassen (eventueel met gebruikmaking van bedrijfsproeven) moet u indienen bij de Raad voor plantenrassen.
